Juridische, financiële en ethische drijfveren
Voor het onderzoek interviewde Ilonka Eekhoudt 25 werkgevers die minstens één keer een negatieve beoordeling van hun re-integratie-inspanningen kregen. Uit die gesprekken blijkt dat juridische en financiële drijfveren een rol spelen, maar ook ethische motivatie. Verschillende werkgevers vinden inzet voor re-integratie een onderdeel van goed werkgeverschap, los van wat de wet voorschrijft. Zij voelen zich verantwoordelijk voor hun werknemers en vinden dat ze hen moeten helpen bij de terugkeer naar werk.
Twee momenten voor de arbeidsdeskundige
Werkgevers dragen die verantwoordelijkheid niet alleen. Zij zien de HR-afdeling, de leidinggevende en de arbodiensten als belangrijke steunpilaren in het re-integratieproces, en ook arbeidsdeskundigen spelen daarin een rol. Dat gebeurt op twee momenten: een arbeidsdeskundige kan adviseren over werkaanpassingen en mogelijkheden voor terugkeer naar werk, en op een later moment kan een andere arbeidsdeskundige de re-integratie-inspanningen beoordelen. HR bewaakt intussen de procedures, wettelijke verplichtingen en voortgang, terwijl de leidinggevende het dagelijkse contact met de werknemer onderhoudt. Die rollen vullen elkaar aan en zijn volgens de onderzoekers onderling afhankelijk.
Werkgevers ondersteunen om werknemers te helpen
De onderzoekers benadrukken het belang van actieve ondersteuning van werkgevers bij het investeren in bekwaamheid, motivatie en kansen van werknemers op organisatieniveau. Professionals kunnen dat doen met trainingen, advies en mogelijkheden voor werkaanpassingen. Goede ondersteuning helpt werkgevers hun verantwoordelijkheid te nemen en kan tegelijk werknemers helpen bij hun terugkeer naar werk. Het artikel is gebaseerd op data die Eekhoudt verzamelde voor haar promotieonderzoek naar de RIV-toets en loonsancties; het is het laatste artikel uit dat traject, waarmee zij inmiddels is gestopt.
Lees het volledige artikel bij AKC.