Het onderzoek werd door GfK in 7 landen uitgevoerd. In totaal werden 8000 medewerkers ondervraagd, waarvan 500 in Nederland. Cultuureigenschappen in de verschillende landen hebben invloed op het begrip carrière, Duitsers staan er bijvoorbeeld om bekend harde werkers te zijn, maar spreken niet gauw over een carrière. Ook Nederlanders zijn over het algemeen bescheiden van aard, aldus het onderzoek.
Uit het onderzoek blijkt dat jongere generaties eerder van een carrière spreken dan oudere generaties. In de leeftijdsgroep 34 – 65 jaar daalt het percentage carriertijgers naar 34 procent. Ook grootverdieners (53%) spreker in hun huidige rol vaker van een carrière dan middelgrote (29%) en lagere inkomens (23%).