Ondersteuning van de klant

Behandeling, begeleiding, ondersteuning

Personen met een structureel functionele beperking kunnen op meerdere terreinen ondersteuning nodig hebben. Verschillende regelingen zorgen voor een gezamenlijke op de klant afgestemde adequate behandeling, begeleiding en ondersteuning. Onder behandeling vallen activiteiten die zijn gericht op het verbeteren (tegengaan van verslechtering) van met de aandoening samenhangende factoren. Te denken valt aan het verbeteren van algemene competenties en vaardigheden (zoals het beheersen van gedrag), van fysieke vaardigheden (conditie), van het bewegingsvermogen en/of van mentale vaardigheden (concentratievermogen, oriëntatievermogen). Het gaat hierbij om gerichte professionele interventies. Begeleiding bestaat uit ondersteuning bij het praktisch uitvoeren van concrete handelingen en gedrag. Te denken valt aan het verbeteren van het praktisch handelen en gedrag door oefenen/inslijten en bijsturing en aan het onderhouden van het praktisch handelen en gedrag door herhaling, bijsturing en correctie.

Regelingen

Bij de regelingen waarmee de klant te maken heeft, gaat het om regelingen op het gebied van:

1. De persoonlijke levenssfeer.

Voor ondersteuning in de persoonlijke levenssfeer kan de klant aanspraak maken op de:

Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). ABWZ-zorg is onderverdeeld in de volgende functies: persoonlijke verzorging (PV), verpleging (VP), begeleiding (BG), behandeling (BH), verblijf (VB) en kortdurend verblijf (KVB). AWBZ-zorg wordt geleverd via een Persoonsgebonden budget (PGB) of door zorg in natura (ZIN). De functie Begeleiding wordt met ingang van 1 januari 2013 uitgevoerd door de gemeenten. Zorg die uit de AWBZ wordt bekostigd vereist een CIZ-indicatie.

Wet Maatschappelijke Ondersteuning (WMO). De WMO is gericht op maatschappelijke participatie en wordt uitgevoerd door de gemeenten. De WMO regelt verschillende voorzieningen in het kader van het bevorderen van de zelfredzaamheid. Bijvoorbeeld maatschappelijk werk, schuldhulpverlening, hulp bij huishoudelijke zorg en ambulante hulp die is gericht op verslavingsproblematiek.

2. De zorgsfeer

Voor ondersteuning in de zorg kan de klant aanspraak maken op de:

Zorgverzekeringswet (Zvw). In de Zorgverzekeringswet is geneeskundige zorg verzekerd. De behandeling is niet beperkt tot medische interventies. Ook begeleiding kan verzekerd zijn. Te denken valt aan begeleiding in het kader van dagbesteding bij psychiatrische behandeling.

Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Zie punt 1.

3. Arbeid en inkomen

Voor ondersteuning in de werksfeer kan de klant aanspraak maken op de:

Werkgever (bij een reguliere baan in een bedrijf of bij een instantie). De klant komt in aanraking met de volgende wetten: Wet verbetering poortwachter (Wvp), Arbeidsomstandighedenwet (Arbowet) en het Arbobesluit.

Wet Werk en Bijstand (WWB). Hierbij gaat het om klanten zonder arbeidsverleden. De bijstandsuitkering wordt verstrekt door de gemeentelijke Sociale Dienst.

Wet Inkomensvoorziening Jongeren (WIJ): uitkering voor jongeren in de leeftijd van 18 tot 27 jaar. Jongeren krijgen een inkomen wanneer zij deelnemen aan een leerwerktraject.

Wajong: inkomensregeling op basis van beperking(en) als gevolg van een ziekte/gebrek, ontstaan voor het achttiende levensjaar of tijdens de studie. Er moet sprake zijn van een verlies aan verdienvermogen.

Wet op de Arbeidsongeschiktheidsverzekering (WAO): uitkeringsregeling voor werknemers die vóór 2004 geheel of gedeeltelijk arbeidsongeschikt zijn geworden.

Wet Werk en Inkomen naar Arbeidsvermogen (WIA). De WIA bestaat uit twee onderdelen: de regeling Werkhervatting Gedeeltelijk Arbeidsgeschikten (WGA) (tussen 35-80 procent) en de regeling Inkomensvoorziening Volledig Arbeidsongeschikten (IVA). Op grond van artikel 35 van de WIA kan het UWV voorzieningen verstrekken aan een klant die naar het oordeel van het UWV structureel functionele beperkingen heeft.

Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen (Waz). De Waz is alleen bedoeld voor personen die voor 1 augustus 2004 als zelfstandige arbeidsongeschikt zijn geworden.

Wet Sociale Werkvoorziening (WSW). De WSW zorgt ervoor dat klanten die niet aan het reguliere arbeidsproces kunnen deelnemen aangepast werk kunnen verrichten. Toelating tot de WSW gebeurt op basis van een WSW-indicatiestelling van het UWV Werkbedrijf.

Ziektewet (ZW)is bedoeld voor zieke ex-werknemers (werklozen, uitzendkrachten, oproepkrachten.

Werkloosheidswet (WW) : is bedoeld voor werknemers na ontslag.

4. Onderwijs

Voor ondersteuning/begeleiding in het onderwijs kan de klant aanspraak maken op:

Scholen en instellingen voor voortgezet speciaal onderwijs, cluster 1 t/m 4. Toelating gebeurt op basis van een indicatiestelling van het CvI (Commissie voor Indicatiestelling).

De Wet educatie en beroepsonderwijs (WEB). In het reguliere basis- en voortgezet onderwijs zijn extra voorzieningen bij ziekte/gebrek mogelijk. Dit gebeurt op basis van leerling-gebonden financiering (LGF/ rugzak). In het mbo is LGF voor zwel BOL als BBL mogelijk. Deze vorm van financiering is bedoeld voor onder meer ambulante begeleiding, een vrij te besteden bedrag en formatie-uitbreiding. De indicatie vindt plaats door het CvI (commissie voor Indicatiestelling).

De Algemene Wet Bijzondere Ziektekosten (AWBZ). Bij aanspraak op AWBZ-zorg is aanvullende begeleiding mogelijk als er sprake is van matige of zware beperkingen op het gebied van bijvoorbeeld sociale redzaamheid, bewegen/verplaatsen, probleemgedrag, geheugen en oriëntatie. De indicatie vindt plaats door het CIZ.

Onderwijsvoorzieningen in het kader van de Wet Wajong artikel 2.22 lid d.

5. Overige wetten, verzekeringen en instanties waar de klant terecht kan voor ondersteuning, zijn:

De Wet op de Jeugdzorg (Jeugdhulp): ondersteuning van en hulp aan jeugdigen, hun ouders, stiefouders of anderen, die een jeugdige die behoort tot het gezin verzorgen en opvoeden. Bijvoorbeeld bij opgroei- of opvoedingsproblemen of dreigende zodanige problemen (zoals kindermishandeling, justitiële jeugdzorg en jeugd GGZ).

MEE. MEE biedt informatie, advies en ondersteuning aan mensen met een functiebeperking, handicap of chronische ziekte. MEE helpt bij vragen op het gebied van zorg, onderwijs, inkomen, vervoer en vrijetijdsbesteding.

Het Regionaal Expertisecentrum (REC): een samenwerkingsverband van scholen voor speciaal onderwijs. Het REC levert ambulante begeleiding voor jongeren met een beperking die regulier onderwijs volgen en gebruik maken van LGF.

Orthopedagogisch didactische centra (OPDC) voor ondersteuning aan jongeren die dreigen vast te lopen in het voortgezet onderwijs. Bijvoorbeeld bij leerproblemen, sociaal-emotionele problemen en/of gedragsproblemen.

Schadeverzekeraars, als er sprake is van letsel. Aansprakelijkheidsverzekering particulieren bijv. bij letselschade.

Coördinatie van de samenwerking tussen de verschillende uitvoerders dient te worden geregeld. Nu blijkt vaker dat deze processen los van elkaar met verschillende doelen plaats vinden, waardoor Cliënt vaker in een spagaat terecht komt en het traject naar werk of het houden van een baan wordt gefrustreerd